Spring naar inhoud

De devaluatie van de pole position

Leestijd: 4 minuten

Lewis Hamilton was nogal in verwarring na de kwalificatie van de Grand Prix van Turkije. Hij had net de snelste ronde in de kwalificatie gereden, maar dankzij zijn gridstraf vanwege een motorwissel mag teamgenoot Bottas vooraan starten én krijgt die de statistiek op zijn naam bijgeschreven. Daarnaast hebben we twee races geleden weer een #F1Sprint-weekend gehad. Dus in plaats van de kwalificatie op zaterdag was er de kwalificatie op vrijdagavond en op zaterdagmiddag de sprintrace sprintkwalificatie.

Zoals ik al aangaf in mijn eerdere pennenvrucht over het sprintgedrocht wordt hiermee de statistiek van de pole position te grabbel gegooid en de kunst van het kwalificeren gedevalueerd. Maar, laten we eerst kijken hoe de statistiek is is opgebouwd.

Definitie “pole position”

De pole position wordt toegekend aan de persoon die de eerste plek heeft op de startopstelling. Dit betekent dus niet noodzakelijkerwijs de snelste persoon in de kwalificatie. Zeker in de recentere jaren worden er nog wel eens gridstraffen uitgedeeld voor vervangen onderdelen, waardoor de stand na de kwalificatie vaak afwijkt van de daadwerkelijke startopstelling.

De volgende logische vraag is dan natuurlijk: hoe vaak is dit gebeurd? Ik heb de statistieken van de Indy 500 (tot en met 1960 deel van het Formule 1 WK) hierbij niet meegenomen, gezien het meerdaagse kwalificatieformat van de Indy 500 wel vaker zorgt voor een discrepantie tussen de snelste qualifyer en de pole sitter.

Statistieken

Zonder Indy 500 zijn er 1040 kwalificaties verreden (per 10-10-2021), waarbij het maar liefst acht keer is voorgekomen dat de man op pole niet de snelste was in de kwalificatie. Dit is een schokkende 0,8% van de gevallen.

De tabel hieronder geeft het complete overzicht. Grappig geval: de eerste keer dat dit gebeurde was in 1959, waarbij Cliff Allison als snelste over de AVUS-ring ging, maar initieel niet mocht starten omdat hij een reservecoureur was. Pas toen Jean Behra tijdens een supportrace over de rand van de Nordschleife kukelde (en hierbij helaas kwam te overlijden) mocht hij deelnemen, als eerste van de reserverijders. De pole ging naar Tony Brooks, die de race uiteindelijk met een hattrick wist te winnen.

Grand PrixSnelste kwalificatiePolesitterReden
Duitsland 1959Cliff AllisonTony BrooksReserverijder
Italië 2005Kimi RäikkönenJuan Pablo Montoya10 plaatsen gridstraf n.a.v. motorwissel
Hongarije 2007Fernando AlonsoLewis Hamilton5 plaatsen gridstraf n.a.v. hinderen Hamilton
Monaco 2012Michael SchumacherMark Webber5 plaatsen gridstraf n.a.v. aanrijding voorgaande race
Mexico 2019Max VerstappenCharles Leclerc3 plaatsen gridstraf n.a.v. negeren gele vlaggen
Groot-Brittannië 2021Lewis HamiltonMax VerstappenSprintgedrocht
Italië 2021Valtteri BottasMax Verstappen Sprintgedrocht
Turkije 2021Lewis HamiltonValtteri Bottas10 plaatsen gridstraf n.a.v. motorwissel
Bron: StatsF1 en FIA.com

Dan waren er nog twee andere gevallen waarbij de snelste man in de kwalificatie niet op pole stond. In beide gevallen werden ze echter gediskwalificeerd en dus niet in de uitslag van de kwalificatie opgenomen.

Grand PrixSnelste kwalificatiePolesitterReden
Monaco 2006Michael SchumacherFernando AlonsoOpzettelijk veroorzaken gele vlag
Spanje 2012Lewis HamiltonPastor MaldonadoTe weinig benzine in de auto (TR 6.6.2)
Bron: StatsF1 en FIA.com

Kwalificatieformats

Puristen vinden dat de pole position toegekend moet worden aan de snelste man in de kwalificatie, als waardering voor de kunst van het rijden van één supersnelle ronde op de limiet van de wagen. En afgezien van een uitzondering in 1959 was dit tot 2005 ook altijd het geval toen Kimi als eerste zijn pole position kwijtraakte door een motorstraf.

Er is echter nog factor die deze “puriteinse” definitie vervuilt: het format van de kwalificatie. Voordat we het huidige format hadden is er in de jaren ’00 flink wat geëxperimenteerd door de FIA. Zo werd er in 2005, 2008 en 2009 met volle tanks gekwalificeerd, of beter gezegd, met de hoeveelheid brandstof waarmee je de race aan wilde vangen. Bijtanken was immers nog toegestaan. Het gevolg: door met minder brandstof te kwalificeren kon je verder naar voren starten.

Bijkomend nadeel daarvan is dat het niet duidelijk was of iemand nou een goede kwalificatie had gereden, of dat ze gewoon een glory run met weinig brandstof gedaan hadden. Het beste voorbeeld wat ik zo snel kon vinden was de Grand Prix van Bahrein in 2008, waar pole sitter Robert Kubica vier ronden eerder binnen kwam dan Felipe Massa. Als we ervan uitgaan dat één ronde aan benzine ongeveer een tiende van een seconde oplevert (en in kwalificatiemodus waarschijnlijk meer), dan kunnen we stellen dat niet Kubica, maar Massa de snelste was in die kwalificatie. En zo zullen er vast nog wel meer voorbeelden te vinden zijn waardoor de romantische, pure definitie van de pole position niet in de statistieken van 2005, 2008 en 2009 terug te vinden is.

Herdefiniëren

Kunnen we stellen dat de pole gedevalueerd is? Dat is een lastige. De uitslag van de sprintgedrochten wijkt tot nu toe niet al teveel af van de kwalificatieuitslag, maar de daadwerkelijke pole position is nu al twee keer bij iemand anders terecht gekomen dan de persoon die het snelste was in de kwalificatie. Daarbij levert een gridstraf (zeker als die van tevoren bekend is) een extra motivatie om je best te doen, waardoor het feit dat je de snelste bent extra glans krijgt.

De statistiek is dus vervuild door de sprintkwalificaties en de gridstraffen, maar ik vind er niks op tegen om de pole position retroactief te definiëren als de “prijs” voor de snelste man in de kwalificatie. Het doet de prestatie eer aan, en het voelt natuurlijker.

Maar wat zou het resultaat dan zijn in de eeuwige statistieken? Zowel Michael Schumacher als Lewis Hamilton krijgen er één pole bij, terwijl Verstappen er één verliest. Bottas blijft netto op hetzelfde aantal staan, terwijl ik Brooks het voordeel van de twijfel geef. Ik zou namelijk niet weten hoe ik een uitslag zou moeten interpreteren van iemand die wel kwalificeert, maar in eerste instantie niet mee mag doen. Alle wijzigingen (behalve 1959 dus) staan hieronder.

PosCoureurOude definitieNieuwe definitie
1Lewis Hamilton101102
2Michael Schumacher6869
13Fernando Alonso2223
17 15Kimi Räikkönen1819
18Valtteri Bottas1818
30Juan-Pablo Montoya1312
31Mark Webber1312
34Max Verstappen1110
36Charles Leclerc98
Bron: StatsF1

Conclusie: er verandert heel weinig in de eeuwige ranglijst, maar de statistiek is wel puurder. Dus Lewis, gefeliciteerd met pole nummer 102!!

Gepubliceerd inColumnFormule 1Grand Prix van BraziliëGrand Prix van Groot-BrittanniëGrand Prix van ItaliëGrand Prix van TurkijeStatistieken

Wees de eerste om te reageren

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *